“Ik weet het niet” is soms het allerbeste antwoord

Nu de dreiging van Covid geleidelijk lijkt af te nemen, keren we langzaam maar zeker ook weer terug naar kantoor. Veel organisaties hebben al aangekondigd dat er (waar mogelijk) hybride gewerkt gaat worden; een aantal dagen vanuit huis, een aantal dagen op kantoor. Kortom: verandering. En verandering betekent automatisch dat er vragen komen. Voor een leidinggevende geldt dan: er is een nieuwe situatie ontstaan, er zijn onduidelijkheden en iedereen van het team kijkt nu naar jou.

Het moge duidelijk zijn dat niet alleen veranderingen die gerelateerd zijn aan Covid vragen oproepen. Alle veranderingen binnen een organisatie betekenen namelijk op bepaalde punten het ‘loslaten’ van het bekende. En waar we het bekende loslaten, ontstaat direct behoefte aan duidelijkheid over de nieuwe situatie. Het is niet voor niets dat er tijdens verandertrajecten zoveel vragen komen in de trant van: “maar hoe moet dat nu met..” en “wat betekent dat nu voor..”. De behoefte aan duidelijkheid bij verandering is een menselijke reactie. En dus worden er heel wat vragen gesteld.

Maar er komt ongetwijfeld ook een vraag waar je als leidinggevende het antwoord niet op weet. En laten we daarover heel duidelijk zijn: dat mag.

Heb je geen antwoord? Dan is “Dat weet ik niet” écht het allerbeste antwoord. Dat klinkt misschien als een open deur, maar vergis je niet in de verantwoordelijkheid die leidinggevenden vaak voelen om op iedere vraag een pasklaar antwoord te geven. Alles om onrust te voorkomen. Echter, het geven van een ter plekke verzonnen antwoord, of een onduidelijk, uit de lucht gegrepen antwoord, geeft alleen maar meer onrust. Je helpt jezelf en je organisatie ermee om niet in deze valkuil te trappen.

“Ik weet het niet” is dus soms het allerbeste antwoord. Maar er zijn absoluut do’s en don’ts in zo’n situatie. We zetten ze even voor je op een rijtje:

  • Zorg dat je aangeeft dat je er op terugkomt én wanneer. Duurt dat even? Zeg dan ‘ik kom erop terug, maar het heeft even tijd nodig’. Uiteindelijk kun je beter iets langer doen over het geven van een goed antwoord, dan snel met een half verhaal terugkomen.
  • Maak jezelf geen slachtoffer. Daarmee bedoelen we dat je niet moet gaan aangeven dat jij er ook last van hebt dat je het nog niet weet. Zeggen dat jij er ook van baalt en dat jij het ook niet fijn vindt voelt misschien als het veiligstellen van je eigen positie, maar komt niet sterk over. Niet voor jezelf en niet voor de organisatie.
  • Probeer vooruit te denken: welke vragen gaat mijn team zéker stellen. Het helpt je om je in de behoeften van je team te verplaatsen (een ontzettend waardevolle tool voor een leidinggevende) én het zorgt dat je niet uit een meeting komt met een waslijst met vragen waar je nog antwoord op moet gaan geven.

Tot slot: het ‘terugkomen’ op kantoor na zoveel maanden te hebben thuisgewerkt, brengt ook een verandering in de teamdynamiek met zich mee. Er is zoveel gebeurd in ieders leven, mensen komen anders terug dan voordat ze thuis gingen werken. Als team ga je met elkaar een nieuwe puzzel leggen. Dat je als leidinggevende daarvan soms ook niet weet hoe dat vorm moet krijgen, is volkomen begrijpelijk. Maar oprechte interesse en betrokkenheid in ieder teamlid afzonderlijk zal je daar zeker bij gaan helpen. En weet je het ook even niet? Dan zeg dat gerust. Soms is dat het allerbeste antwoord.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *